Blog over contracteren in de binnenvaart met afbeelding schip bij Spijkenisserbrug
Contracteren in de binnenvaart
Voor goederenvervoerin Nederland en daarbuiten
Met een ligging aan zee en een waterrijk landschap is er in Nederland al eeuwen lang grote bedrijvigheid op het water. De haven van Rotterdam begon in de 13e eeuw als dorpje waar goederenoverslag plaatsvond op houten boten. Vanuit de huidige Rotterdamse Haven worden er vandaag de dag dagelijks vele soorten goederen filevrij en met oog voor duurzaamheid per binnenvaartschip vervoerd. Een groot deel van de binnenvaartschepen van Europa in Nederland geregistreerd. Je kunt ze tot ver buiten de landsgrenzen tegenkomen, van Rotterdam tot de Zwarte Zee, van Delfzijl tot de Middellandse Zee. Het binnenvaartrecht is voor Nederland van groot belang.
Het vervoersrecht valt onder het privaatrecht en is opgenomen in Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, met algemene bepalingen in Deel I en het Binnenvaartrecht in Deel III. De regelingen voor vervoer over binnenwateren zijn veelal afgeleid van die voor zeevervoer; voor de exploitatie van een binnenvaartschip zijn de bepalingen 8:361-366 BW uit het zeerecht van overeenkomstige toepassing (art. 8:880 BW)).

Als ondernemer in de binnenvaart heb je vaak te maken met de bepalingen in Boek 8 BW, het CMNI-Verdrag en een complex geheel van gelijktijdig geldende en opeenvolgende overeenkomsten, met de vervoersovereenkomst als belangrijkste.

De wet definieert de overeenkomst van goederenvervoer als "de overeenkomst, waarbij de ene partij (de vervoerder) zich tegenover de andere partij (de afzender) verbindt zaken te vervoeren" (art. 8:20 BW). Het begrip 'zaak' is gedefinieerd als "de voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten" (art. 3:2 BW) waarbij de vatbaarheid bijvoorbeeld ook door verpakking kan zijn verkregen (bijv. water in flesjes). Wettelijke bepalingen voor zaken zijn op dieren van toepassing, maar dieren moeten daarbij met het respect dat bij levende wezens past, worden behandeld (art. 3:2a BW).

Vervoer
Er is onderscheid tussen vervoer (genus) en een speciale vorm (specius) daarvan, bevrachting. Bij vervoer gaat het er vooral om dat de goederen goed van A naar B worden gebracht en bij bevrachting gaat het meer om het schip als object.

Internationaal
Voor grensoverschrijdende binnenvaart is het CMNI-verdrag₁ van belang, welke door Nederland en 17 andere landen is geratificeerd[2]. ls de verzendhaven (laadhaven, plaats van inontvangstneming) of de bestemmingshaven (loshaven, plaats van aflevering) in een verdragsstaat ligt, dan is het CMNI-Verdrag van toepassing (art. 2 lid 1). Het verdrag legt op de vervoerder de hoofdverplichting tijdig (art. 5) "de goederen binnen de gestelde termijn naar de plaats van aflevering te vervoeren en deze bij de geadresseerde af te leveren in dezelfde staat als waarin hij ze heeft overhandigd gekregen" (art. 3 lid 1), met een geschikt schip en op een wijze zoals eventueel overeengekomen. Op de afzender rusten onder meer plichten tot betaling₃, documentatie en verpakking (art. 6). Het verdrag bepaalt ook de aard en inhoudelijke aspecten van de vrachtbrief voor de binnenvaart (art. 11). Een cognossement₄ wordt alleen afgegeven op verzoek van de afzender, waarmee het document in het kader van eigendom en uitlevering van betekenis is (art. 13). Het verdrag bevat bepalingen over aansprakelijkheid, onder meer die van de vervoerder voor de schade tijdens het vervoer, tenzij hij bewijst dat deze voortvloeit uit een omstandigheid die een zorgvuldig vervoerder niet heeft kunnen vermijden en waarvan hij de gevolgen niet heeft kunnen verhinderen (art. 16 lid 1). De aansprakelijkheid voor navigatiefouten, brand of verborgen gebreken aan het schip kan contractueel worden geregeld (art. 25 lid 2). Is aansprakelijkheid eenmaal vastgesteld, dan is het verdrag (mede) van belang bij de bepaling van de omvang. Het verdrag geldt als dwingend recht, althans als ondergrens (art. 20).

N.B. Bij vorderingen die voortkomen uit hulpverlening aan een schip in bijzondere (nood)situaties of de lading daarvan, is veelal het CLNI-Verdrag[5] van toepassing.
Vanuit welk rechtsstelsel de vervoerovereenkomst wordt beheerst als het verdrag daarover leemten laat, is ter rechtskeuze van partijen[6].

Wordt geen rechtskeuze overeengekomen, dan wordt uitgegaan van het recht waarmee vervoerovereenkomst 'de nauwste banden' heeft, vermoedelijk het recht van de vestigingsplaats van de vervoerder van toepassing indien deze overeenkomt met de laad- of losplaats of vestigingsplaatsplaats van de afzender (art. 29 CMNI). Als de vervoerder geen vestigingsplaats aan wal heeft en de vrachtbrief aan boord is opgemaakt, kan ook de registratieplaats van het schip bepalend zijn (art. 29 lid 5 CMNI).

Nationaal
Het binnenvaartrecht is geregeld in Deel III van Boek 8 BW (art. 8:770-1037 BW). Art. 8:890 BW definieert de overeenkomst van goederenvervoer over binnenwateren als  "de overeenkomst van goederenvervoer, al dan niet tijd- of reisbevrachting zijnde, waarbij de ene partij (de vervoerder) zich tegenover de andere partij (de afzender) verbindt aan boord van een schip zaken uitsluitend over binnenwateren te vervoeren"[7]. Uit de wettekst moet blijken of individuele bepalingen al dan niet voor bevrachting gelden. De vervoerder verplicht zich tot behouden en tijdig afleveren (art. 8:895, 896 BW) van de goederen. Om bij niet-nakoming hiervan met succes schadevergoeding te kunnen vorderen, moet de afzender stellen en kunnen bewijzen dat (a) tussen partijen een vervoersovereenkomst geldt, (b) het resultaat niet verwezenlijkt is (c) waardoor (d) hij schade heeft gelden. Art. 8:898 lid 1 BW[8] geeft een mogelijkheid om aan aansprakelijkheid te ontkomen, waarop art. 8:899 BW een aantal vermoedelijk onvermijdbare omstandigheden geeft. Hij dient in elk geval te zorgen voor een deugdelijk en geschikt schip (art. 8:898 lid 2 BW) en zal bij verborgen gebreken niet aansprakelijk zijn. Ook de wettelijke bepalingen gelden als dwingend recht c.q. ondergrens; partijen kunnen de aansprakelijkheid wel contractueel verruimen.

Voor de Nederlandse binnenvaart is de toepasselijkheid van het CMNI-Verdrag optioneel in de  overeenkomst op te nemen (art. 8:889 BW). Het cognossement wordt wel gebruikt, maar is minder van belang. Behalve van eigen algemene voorwaarden (maatwerk) kan gebruik worden gemaakt van standaard-voorwaarden uit de branche, rekening houdend met het CMNI-Verdrag.

Bevrachting
Bevrachting wordt verdeeld in (1) tijd- en reisbevrachting, bevrachting voor het vervoer van zaken of personen (2) rompbevrachting, bevrachting waarbij de reder afstand doet van de zeggenschap over het schip en het ter beschikking stelt aan een rompbevrachter. De overeenkomst van bevrachting is regelend recht en daarvan kunnen partijen dus in hun overeenkomst (of 'charter') afwijken en hun vervoer en aansprakelijkheden naar wens regelen. De wetsartikelen voor de vervoersovereenkomst gelden voor bevrachting als regelend recht[9]. Zoals gezegd, draait het bij bevrachting meer om het schip als object. Zo wordt het schip aan de bevrachter (afzender) ter beschikking gesteld om goederen door een vervrachter/vervoerder te laten vervoeren. De zeggenschap blijft bij de vervrachter en de bevrachter kan instructies geven (art. 8:897 BW).

Tijd of reisbevrachting
Bij tijd- of reisbevrachting gaat het om en "overeenkomst van goederenvervoer, waarbij de vervoerder zich verbindt tot vervoer aan boord van een schip, dat hij daartoe, anders dan bij wijze van rompbevrachting, geheel of gedeeltelijk en al dan niet op tijdbasis (tijdbevrachting of reisbevrachting) ter beschikking stelt van de afzender" (art. 8:892 lid 1 BW). Het gaat dus om een vervoerovereenkomst, zoals dat voor de binnenvaart ook blijkt uit art. 8:890 BW.

Rompbevrachting
Zoals al naar voren kwam, gaat het bij rompbevrachting om bevrachting waarbij de reder afstand doet van de zeggenschap over het schip en het ter beschikking stelt aan een ander, een rompbevrachter. De rompbevrachter exploiteert dan het schip voor diens rekening (art. 8:990 BW) en gaat op diens beurt ook vervoerovereenkomsten en bevrachtingen aan.

[1] Verdrag van Boedapest inzake de overeenkomst voor het vervoer van goederen over de binnenwateren (CMNI) (Trb. 2001, 124).
[2] Behalve Nederland ook België, Bulgarije, Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Kroatië, Luxemburg, Moldavië, Oekraïne, Polen, Portugal, Roemenië, Rusland, Servië, Slowakije, Tsjechië en Zwitserland.
[3] Als de afzender de vrachtprijs niet betaald heeft, is de geadresseerde in de aankomsthaven daartoe verplicht als hij om uitlevering van de goederen vraagt (art. 10 CMNI).
[4] Een cognossement is een informatief document over het vervoer en bevat informatie over de goederen die worden vervoerd, door welk schip, verzendplaats en bestemming, transportdatum, enz. De inhoud van het document is van belang voor partijen en derden, en veelal juist bedoeld voor gebruik door derden (douane, verzekeraar) of als waardepapier. In Nederland wordt via het cognossement een (verondersteld) derdenbeding t.b.v. de recht- en regelmatige houder bij de vervoerovereenkomst aangenomen. Dit kan per land verschillen.
[5] Verdrag van Straatsburg van 2012 inzake de beperking van aansprakelijkheid in de binnenvaart (CLNI 2012, Trb. 2013, 72), in Nederland in werking getreden op 1 juli 2019 (Trb. 2018, 134).
[6] De CMNI-vrachtbrief voorziet daar ook in (vakje 7).
[7] Overeenkomsten tot slepen of duwen worden als vervoersovereenkomsten beschouwd (MvT, 14049, Parl. Gesch. 8, p. 65). Het 'criterium 'aan boord van een schip' brengt met zich mee dat slepen of duwen over binnenwateren wordt gereguleerd door afdeling 1 van titel 2 (MvT, 14049, Parl. Gesch. 8, p. 372).
[8] Het betreft hier een herhaling van art. 8:23 BW uit het algemene deel van het vervoersrecht.
[9] zie afdelingen 8.5.2 en 8.10.2 van Boek 8 BW.

Augustus 2019

Foto: Schip op de Oude Maas bij Spijkenisse / Hoogvliet (Spijkenisserbrug)
Disclaimer
De artikelen en blogposts van Legalance bieden algemene informatie en zijn nietbedoeld als advies. Er is niet beoogd volledigheid over een bepaald leerstuk nate streven. Ook kan de informatie verouderd, onvolledig en/of onjuist zijn doorwijzigingen in wet- en regelgeving, nieuwe rechtspraak of andere ontwikkelingen.Aan de hier aangeboden informatie kunnen dan ook geen rechten worden ontleend.De auteur daarvan kan niet aansprakelijk worden gehouden voor de gevolgen vanhet gebruik, op welke wijze dan ook, van deze informatie. De tekst-editor veroorzaakttaal- en opmaakfouten in de weergave.